Dieren in spreekwoorden en gezegden


Hieronder een aantal spreekwoorden en gezegden waar een dier in voorkomt.

AAP

Toen kwam de aap uit de mouw
Toen werd zijn eigenlijke bedoeling duidelijk.
Goochelaars hadden vaak wijde mouwen waaruit ze een aap tevoorschijn konden halen.

De aap binnen hebben
Geld gekregen hebben (meestal een erfenis).
Misschien naar aanleiding van een stenen spaarpot in de vorm van een aap.
Kan ook van de uitdrukking: ‘die uit Oost-Indiën komen, zien op geen aap’ (wie in het veen zit, ziet op geen turfje).

Al draagt een aap een gouden ring, het is en blijft een lelijk ding
Kleren en sieraden kunnen een lelijk persoon niet mooi maken.
Een vertaling van een Latijnse spreuk: "Simia est simia etsi aurea gestet insigna" (Een aap blijft een aap ook al draagt hij gouden sieraden).

In de aap gelogeerd zijn
In moeilijkheden geraakt zijn.
De aap is waarschijnlijk het uithangbord van een bekende herberg geweest.

Aap, wat heb je een mooie jongen!
Uitdrukking die te kennen geeft, dat iemand een ander vleit, om wat van hem gedaan te krijgen.
Ontleend aan Reynaert II, vers 6543. Reinaart de vos die in het hol van een lelijke aap is, zegt van de jonge aapjes: ‘hoe lieflic sijn si ende hoe scone!’.

BEER

Men moet de huid niet verkopen voor de beer geschoten is
Men moet zich niet beroemen op zijn succes voor men het behaald heeft.

Een ongelikte beer
Een onbeschoft, ongemanierd mens.

Een beer van een vent
Een grote man.

BOK

Een oude bok lust nog wel een groen blaadje
Dit wordt gezegd van een oude man die een jong meisje trouwt.

Als de bok op de haverkist zit
Ergens erg happig op zijn.
In de haverkist werd het voer voor de bok bewaard.

De bokkepruik op hebben
Een slecht humeur hebben.
De bok wordt in dit geval gezien als een ongemakkelijk dier. De uitdrukking betekent dus: bokkig zijn, en is gevormd naar het gezegde: "de pruik op hebben" (uit z’n humeur zijn).

EEND

Een vreemde eend in de bijt
Een vreemd exemplaar in de groep. (Een bijt is een opening in het ijs).

Woorden, dat is niets, de eenden leggen de eieren
Praatjes vullen geen gaatjes, het komt op de daden aan.
Dit is een woordspeling: woord = woerd = mannetjeseend. (en "eend" is dan vrouwtjeseend).

Hij valt in het eendebier
Hij valt in het water.

EZEL

Een ezel stoot zich in geen tweemaal aan dezelfde steen
Het is erg dom om twee keer dezelfde fout te maken.

Hij springt van de os op de ezel
Hij redeneert dwaas, zonder na te denken.

Een gouden zadel maakt geen ezel tot paard
Een mens verandert niet door uiterlijkheden.

HAAN

Daar kraait geen haan naar
Daar heeft niemand belangstelling voor.
Waarschijnlijk afkomstig van het volksgeloof, dat de haan door zijn kraaien de moordenaar aanklaagde al er geen getuigen waren. Het kan ook slaan op de verloochening van Jezus door Petrus in Matth. 26:74: ‘en terstond kraaide de haan.’

De gebraden haan uithangen
Heel veel geld uitgeven.
Vroeger kwam bij oogstfeesten en bruiloften een gebraden haan in zijn geheel op tafel. Het ‘uithangen’ komt van de uithangborden die vroeger bij gaarkeukens hingen.

Haantje-de-voorste zijn
Vooraan staan, de aandacht naar zich toe trekken.

HAAS

Het hazenpad kiezen
De haas is een schuw dier. Hij leeft op de akkers en graslanden, waar maar weinig schuilplaatsen zijn. Maar de haas kan heel snel lopen. Als hij onraad ruikt of hoort, gaat hij er met een snelheid van zo'n 55 km per uur vandoor. Hij volgt daarbij de paadjes van plat gelopen gras die hij tijdens zijn strooptochten zelf gemaakt heeft: de hazepaadjes. Zie je iemand die op de vlucht slaat, dan kun je dus zeggen dat hij het hazepad kiest. Of dat hij als een haas op de loop gaat.

Het haasje zijn
Het slachtoffer zijn.

HOND

Als men een hond wil slaan, kan men makkelijk een stok vinden
Men kan altijd wel een reden vinden als men iemand wil straffen.

Men moet geen slapende honden wakker maken
Moeilijkheden die men kan vermijden moet men niet veroorzaken door erover te spreken.

Als twee honden vechten om een been, loopt de derde ermee heen
Als twee mensen ruzie hebben, heeft de derde er voordeel van.

De hond in de pot vinden
Thuiskomen als het eten op is.
Als iedereen gegeten had, waren de laatste restjes uit de pan voor de hond.

Leven als kat en hond
Altijd ruzie hebben.

Blaffende honden bijten niet
Iemand die zich dreigend voordoet, zal zijn dreiging niet waarmaken.

Commandeer je hond en blaf zelf
Je hebt mij niets te bevelen.

Wie zich voor hond verhuurt, moet de botten kluiven
Wie zich onderdanig gedraagt, wordt als knecht behandeld.

Hij is bekend als de bonte hond
Hij is zeer berucht.

't Moet al een ruige hond wezen, die twee nesten warm houden kan
Alleen een rijke man kan er een tweede vrouw op na houden.

KAT

De kat uit de boom kijken
Afwachten.
Dat doet een hond als hij een kat in een boom gejaagd heeft.

De kat de bel aanbinden
Een begin maken met een gevaarlijke onderneming.
In een fabel besluiten de muizen om de kat een bel om de hals te hangen, zodat ze tijdig gewaarschuwd worden als er gevaar dreigt. Uiteindelijk durft echter geen muis het gevaarlijke karwei op te knappen.

Als de kat van huis is, dansen de muizen op tafel
Als er geen toezicht is, kunnen de kinderen hun gang gaan.

De kat op het spek binden
Iemand in de verleiding brengen.

Een kat in de zak kopen
Een miskoop doen.

In het donker zijn alle katten grijs
Als de situatie niet optimaal is, kun je iets niet goed beoordelen.

Geen katje om zonder handschoenen aan te pakken
Als je daarmee om wil gaan, neem dan voorzorgsmaatregelen!

Een kat in het nauw maakt rare sprongen
Een zwakke tegenstander kan nog gevaarlijk worden als hij geen uitweg meer ziet.

Die is niet voor de poes
Die moet als tegenstander niet onderschat worden.

De kat uit de boom kijken
Afwachten.

KIP

De kip met de gouden eieren slachten
Ten behoeve van een gering korte termijn voordeel een eind maken aan een groot voordeel voor de lange termijn.

Er was geen kip
Er was niemand.

Met de kippen op stok gaan
Vroeg naar bed gaan.

Kip, ik heb je
Ziezo, dat is gelukt.

Als je wilt dat je kippen eieren leggen dan moet je het kakelen verdragen
Als je iets wilt bereiken, dan moet je ook met de minder plezierige dingen kunnen omgaan.

Geen kip meer kunnen zeggen
Zoveel hebben gegeten dat je niets meer kan eten.
Volkomen verzadigd.

Er als de kippen bij zijn
Meteen met de neus er bovenop!

Hij redeneert als een kip zonder kop
Hij praat veel, maar het is weinig zinvol wat hij vertelt.

PAARD

Men moet een gegeven paard niet in de bek kijken
Als je iets cadeau krijgt, mag je het niet al te kritisch bekijken.
Aan het gebit van een paard zien de kenners hoe oud het is.

Het paard achter de wagen spannen
De zaak verkeerd aanpakken.

Het Trojaanse paard binnenhalen
Zichzelf een ramp op de hals halen.
Toen de Grieken Troje niet konden innemen, bouwden ze een houten paard en verstopten daarin soldaten. Toen de Trojanen het paard als een cadeau binnenhaalden, kwamen de Grieken ’s nachts tevoorschijn en openden de stadspoorten. Zo werd Troje alsnog door de Grieken ingenomen.

Een oud paard hoort graag het klappen van de zweep
Men hoort nog heel graag vertellen over het werk, dat men vroeger zelf ook gedaan heeft.
Een zonderling spreekwoord, omdat een paard juist niet van de zweep houdt. Het is dan ook verbasterd, de oude vorm luidde:’een ouwe wagenaar (voerman) hoort graag het klappen van de zweep’.

VOGEL

Beter één vogel in de hand dan tien in de lucht
Je kunt beter zeker zijn van kleine dingen dan hopen op grote dingen die je waarschijnlijk toch nooit krijgt.

Ieder vogeltje zingt zoals het gebekt is
Iedereen gedraagt zich op de manier die bij hem past.
Van Guido Gezelle: ‘Ieder vogelke zingt zijn eigen vooizeke’.

Één zwaluw maakt nog geen zomer
Als één ding goed verloopt, kunnen andere dingen nog wel voor tegenslag zorgen.

Één bonte kraai maakt nog geen winter
Uit één geval kun je niet concluderen, dat het in het algemeen zo is. Al is er één, dat zegt niet dat het andere hetzelfde zal gaan.